Groep 5–8

Kiezen in oorlogstijd

Een interactief dilemma over familie, geheimen en loyaliteit. Niet om het ‘juiste’ antwoord te vinden, maar om gevolgen te leren wegen.

Artistieke reconstructie van Maria en Willem hand in hand
AI-gegenereerde historische visualisatie · geen authentieke afbeelding

De situatie

Je familie is verdeeld.

Stel je voor: je vader praat misschien met de vijand. Je oom is een leider van de opstand. Soldaten kunnen ieder moment komen. Wie geloof je? Wie bescherm je? En kun je van twee mensen blijven houden als zij tegenover elkaar staan?

Geen toetsJe krijgt geen punten. Na iedere keuze verschijnt één mogelijk gevolg. Bespreek daarna waarom een andere leerling iets anders koos.

Stap 1 van 5

Vraag wordt geladen

Na het spel

Praat over keuzes, niet over winnaars.

Gebruik de vragen hieronder voor een klassengesprek van ongeveer twintig minuten.

Vraag 1

Wanneer is zwijgen ook een keuze?

Kan niets zeggen mensen beschermen? Of geef je daardoor juist ruimte aan iets wat verkeerd is?

Vraag 2

Kun je twee kanten begrijpen?

Begrijpen waarom iemand iets doet is niet hetzelfde als die keuze goedkeuren.

Vraag 3

Wat is een eerlijk historisch verhaal?

Hoe vertel je over mensen van vroeger wanneer je hun gevoelens niet precies kent?

Schrijfopdracht

Schrijf Maria een brief.

Kies één moment: de arrestatie, het vertrek uit Huis Bergh of de dood van Willem. Schrijf maximaal 250 woorden.

  • Noem één historisch feit.
  • Stel Maria één vraag.
  • Geef advies zonder te doen alsof jij weet hoe alles afloopt.
Historische empathieDe opdracht gaat niet over ‘doen alsof je Maria bent’, maar over zorgvuldig nadenken over haar situatie vanuit de kennis die wij nu hebben.

Voor de leerkracht

Lesopbouw in 45 minuten.

Leg kort uit wie Maria, Willem van Oranje en Willem van den Bergh waren. Gebruik het dubbelportret en laat leerlingen de twee familierelaties benoemen.

Leerlingen spelen individueel of in tweetallen. Vraag hen één keuze op te schrijven die moeilijk voelde.

Vergelijk keuzes en gevolgen. Benadruk dat mensen in het verleden de afloop niet kenden.

Laat leerlingen beginnen aan de brief of gebruik hem als huiswerk. Beoordeel op feit, vraag en redenering.